Manchetknopen maakten hun opwachting in Europa aan het begin van de 17e eeuw en vervingen linten en kant die tot dan toe werden gebruikt om mouwen op elegante wijze vast te houden.
De eerste exemplaren waren gouden of zilveren knopen verbonden door een kettinkje. Hun opkomst moet parallel gezien worden met het begin van de industriële revolutie tegen het einde van de 19e eeuw, toen de goedkope productiecapaciteiten van manchetknopen het mogelijk maakten om een grotere verscheidenheid aan modellen te produceren. Het is ook in deze periode dat het overhemd evolueert en zich vestigt als het chique kledingstuk bij uitstek.
Modellen met manchetknopen maken hun opwachting, maar worden dan aangeboden tegen hoge prijzen. Deze zijn vooral voorbehouden aan de bourgeoisie en zakenlieden.
Het is vanaf de 20e eeuw dat manchetknopen gebruikelijk worden. Grote juweliershuizen (Cartier, Tiffany...) laten zich inspireren door artistieke stromingen (Kubisme, Art deco) om nieuwe ontwerpen te creëren, waarbij steeds verfijndere materialen worden gebruikt: edelstenen, parelmoer...
In de jaren 1970 worden overhemden met manchetknopen grotendeels vervangen door overhemden met ingebouwde knopen.
Het is uiteindelijk in de jaren 1990 dat de heropleving van manchetknopen plaatsvindt dankzij nieuwe creaties van Paul Smith, Gucci... Manchetknopen worden fantasievoller en vestigen zich als het onmisbare modeaccessoire, zowel bij mannen als bij vrouwen.
Als gedistingeerd modeaccessoire bestaan er tegenwoordig verschillende soorten. Deze zijn bijzonder populair in professionele omgevingen waar een verfijnde outfit vereist is of tijdens feestelijke evenementen zoals bruiloften en mondaine avonden.